Binnen veel Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) wordt tegenwoordig – al dan niet gedeeltelijk – digitaal vergaderd. Voor veel leden, beheerders en bestuurders is dat een praktische oplossing: geen reistijd, een lagere drempel om deel te nemen en vaak een efficiënter verloop van de vergadering. Tegelijkertijd geven nog altijd veel leden de voorkeur aan een fysieke bijeenkomst, waarin ruimte is voor persoonlijk contact en discussie. In deze column bespreken wij de stand van zaken rondom digitaal vergaderen.
Digitaal vergaderen in coronatijd: de spoedwet
Tijdens de coronapandemie zijn veel VvE’s noodgedwongen overgegaan tot digitaal vergaderen. De Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid, die vanaf 16 maart 2020 gold, bood daarvoor een duidelijke wettelijke basis. Op grond van deze tijdelijke wet kon het bestuur, dan wel de voorzitter, zelfstandig besluiten de wijze van vergaderen te wijzigen en de vergadering geheel digitaal of hybride te laten plaatsvinden, ook als de splitsingsakte of het splitsingsreglement daar geen expliciete ruimte voor bood.
Wij schreven destijds ook een column voor stichting VVE-010 over deze spoedwet en de gevolgen daarvan voor het functioneren van VvE’s. De praktijk liet zien dat digitaal vergaderen in veel gevallen goed werkte, al bleek ook dat niet alle leden even digitaal vaardig waren en dat de onderlinge interactie soms te wensen overliet.
De tijdelijke wet is inmiddels al geruime tijd vervallen. Daarmee is ook de expliciete wettelijke basis voor digitaal vergaderen verdwenen. Toch geven veel VvE’s nog steeds de voorkeur aan een (al dan niet gedeeltelijk) digitale vergadering. Dat leidt tot discussie over de vraag of digitaal vergaderen binnen de VvE nog steeds is toegestaan, en zo ja, onder welke voorwaarden. In de praktijk wordt deze vraag verschillend beantwoord.
Wetsvoorstel ‘Wet digitale algemene vergadering privaatrechtelijke rechtspersonen’
Op dit moment is het wetsvoorstel ‘Wet digitale algemene vergadering privaatrechtelijke rechtspersonen’ nog in behandeling. Dit wetsvoorstel is recentelijk aangepast.
Het appartementsrecht is geregeld in titel 9 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Artikel 5:124 BW bepaalt welke bepalingen uit Boek 2 BW, dat betrekking heeft op rechtspersonen, van toepassing zijn op VvE’s. In eerste instantie was het de bedoeling om artikel 2:38 BW (dat betrekking heeft op ‘gewone’ verenigingen) aan te passen en dit artikel deels via artikel 5:124 BW van toepassing te verklaren op VvE’s.
Het wetsvoorstel is recentelijk gewijzigd (Kamerstukken I, 2025-2026, 36489, A). Voorgesteld wordt nu om aan artikel 5:127 BW een aantal leden toe te voegen, waaronder lid 4 en 5 die als volgt luiden:
“4. Degene die bevoegd is tot bijeenroeping van de vergadering van eigenaars, kan bepalen dat de vergadering van eigenaars tevens of uitsluitend toegankelijk is langs elektronische weg.
5. Op schriftelijk verzoek van ten minste een aantal leden dat een vierde van de stemmen van de vergadering van eigenaars vertegenwoordigt, is degene die de vergadering van eigenaars bijeen heeft geroepen verplicht ervoor zorg te dragen dat de vergadering van eigenaars, als bedoeld in lid 4, tenminste ook fysiek toegankelijk is. Degene die de vergadering van eigenaars bijeen heeft geroepen, stelt de leden hiervan onverwijld in kennis.”
Met dit wetsvoorstel krijgen de digitale en hybride vergadering van eigenaars in ieder geval een duidelijke wettelijke grondslag. Het bestuur krijgt meer flexibiliteit, maar tegelijkertijd wordt de positie van leden die hechten aan een fysieke vergadering beschermd. Indien het wetsvoorstel wordt aangenomen en in werking treedt, wordt een belangrijk deel van de huidige onzekerheid weggenomen.
Digitaal genomen besluit niet nietig
Recent heeft de kantonrechter zich uitgelaten over een volledig digitaal gehouden vergadering van eigenaars. De rechter oordeelde dat deze wijze van vergaderen in strijd is met de splitsingsakte van de betreffende VvE, maar dat geen sprake is van een fundamenteel gebrek in de totstandkoming van besluiten, zodat het aangevochten besluit in ieder geval niet nietig is. Zie over nietige besluiten ook onze column van november 2025.
Wel kan in zo’n geval sprake zijn van vernietigbaarheid, zoals besproken in onze column van oktober 2025. Bij een verzoek tot vernietiging zal een eigenaar een concreet belang moeten stellen en zo nodig aannemelijk moeten maken. Het enkele feit dat een vergadering digitaal is gehouden, zal in de regel onvoldoende zijn om een besluit te laten vernietigen.
Tot slot
Hoewel digitaal vergaderen in de praktijk vaak goed functioneert en voor veel VvE’s als meerwaarde wordt gezien, blijft voorzichtigheid vooralsnog geboden.
Wilt u meer weten of heeft u vragen over deze column? Neem dan contact op met Laurine van Gemert, Sven van der Klaauw of Marnix Nijenhof. U kunt natuurlijk ook kijken op www.rijssenbeek.nl, of een digitaal bezoek brengen aan onze Kennisbank.



